De laatste keer, maar toch nog niet

De les begon heel leuk, dit ging over synoniemen. We hebben andere woorden moeten verzinnen voor:

• Lopen
• Huilen
• Man
• Praten
• Straat

Voor een aantal van deze woorden had ik eindeloos veel woorden, maar voor sommigen had ik er maar een paar. Ik denk dat dit ook een hele goede oefening was omdat je dan merkt wat voor woordenschat je bezit. Iedereen moest de synoniemen opnoemen en elkaar aanvullen. De meest uiteenlopende woorden werden uitgesproken. Sommige van deze woorden hoorde ik toen voor het eerst. Bij straat had ik de meeste problemen. Ik denk dat ik te beperkt dacht. Toen de andere studenten veld, laan en steeg zeiden, wist ik dat ik teveel aan straat dacht en niet aan ‘buiten’. Later heb ik dit aangevuld

Als laatste oefening moest iedereen een beeldspraak/metafoor bedenken over zichzelf als voertuig. Ik had:” Ik ben net een stoomtrein, als ik op gang kom ben ik niet te stoppen.” Bij mij is het niet altijd makkelijk om initiatief te nemen om iets te gaan doen, maar zodra ik begin ga ik door tot ik klaar ben. Neem als voorbeeld de teksten voor het project dat we moesten maken. Ik stop pas met typen als ik klaar ben met de tekst.

Het is niet dat deze training mij zozeer nieuwe dingen heeft geleerd, maar ik heb het gevoel dat ik mezelf meer ruimte geef bij het denken als het gaat om schrijven. Ik heb meer geduld, en kan dieper in mijn gedachten gaan dus meer details overbrengen op papier. Dit was de laatste les, maar aanloop naar de keren dat ik mijn teksten zal publiceren zonder feedback

Show, don’t tell…

We begonnen de les met een aantal filmpjes uit bekende programma’s. We kregen die te zien om een indruk te krijgen van de uitvoering van de eerste opdracht.

We moesten heel precies omschrijven wat we denken, voelen, doen, zo gedetailleerd mogelijk een situatie omschrijven. Dit vond ik interessant want er zijn heel veel dingen die een grote rol kunnen spelen bij het omschrijven van een gevoel, object of situatie. We luisterden goed naar elkaar en vulden elkaars verhalen aan. Bij iedereen was er wel wat te vinden dat veranderd kon worden om het verhaal nog gedetailleerder te maken. Ook vond ik dit een leuke oefening omdat ik voor het project zelf ook een sfeerverslag heb gemaakt van een bepaalde situatie.

Vervolgens gingen we een beschrijving maken van typische dingen die mensen in onze omgeving doen. Ik dacht meteen aan mijn neefje. Hij is drummer en voelt zich genoodzaakt overal op te drummen. Ik irriteer mij hieraan en schreef er daarom een tekst over.

Herfst, gevaar, normen & waarden en nog eens lekker eten!

De vierde les en ik zit er best lekker in. De vorige lessen heb ik een aantal nieuwe dingen geleerd en met ondersteuning van onze coach de minor begin ik steeds sneller vat op dingen te krijgen.

We begonnen de les met een tekst over herfst zonder het woord ‘herfst’ zelf te gebruiken. Dit was niet moeilijk, ik deed mijn ogen dicht en probeerde het te visualiseren. Na een snelle fantasie over een wandeling in het bos in de herfstperiode was ik klaar om te schrijven.

De volgende oefening ging over gevaar. Het was de bedoeling in de tekst te waarschuwen zonder dat letterlijk te doen. We kregen een voorbeeld en gingen daarna aan de gang. Ik omschreef een situatie met oorzaak en gevolg. Dit gaf makkelijk aan waar het gevaar lag, en gold dus indirect als waarschuwing.

Oefening drie ging over normen en waarden. Een moraal overbrengen zonder het gebod of verbod te geven. Hiervoor ging ik terug in de tijd naar mijn jeugd. En toen kwam ik op een tekst dat overeen kwam met een situatie uit mijn jeugd.

De laatste oefening voor deze les ging over lekker eten. Je moest iets beschrijven aan de hand van karakteristieken zonder het gerecht op te noemen. Zo goed mogelijk omschrijven dus. Ik omschreef een snoepje maar gebruikte de verkeerde woorden om dit te omschrijven. Thuis zou ik de tekst aanpassen en woorden gebruiken die meer bij de omschrijving passen.

Les drie

Net een minuut nadat de les begonnen was kwam ik binnen. Een medestudente was een gedicht aan het voorlezen. Na nog twee anderen te hebben gehoord begon de les. We gingen vandaag rijmen.

Maak een lijst met cadeaus voor Sinterklaas en zet erbij voor wie, Daarna kies je iemand en maak je een gedicht aan de hand van vier zinnen die gegeven worden. Ik koos meteen voor mijn nichtje en het speelgoed waar ze al een maand om zeurt.

Als tweede gingen we een gedicht maken van onhebbelijkheden van mensen om je heen. Ik koos voor Niels. Hij maakt heel vaak van die homo-grapjes en hoewel ik hem vaak genoeg zeg dat niet te doen gaat hij toch door. Als je iets in je hoofd hebt en niet hoeft te verzinnen is het toch niet zo moeilijk. Ik heb er alleen voor moeten zorgen dat het wel rijmde.

Ik las mijn gedicht op en de docente gaf aan dat ik me wel aan de regels heb gehouden bij het maken van mijn gedicht.

Er was niet genoeg tijd om een derde oefening te doen. Dit was een oefening dat over een dier moest gaan. De docente gaf als voorbeeld het gedicht: De regenworm in Sneek van Annie.

Toch een dagje gedichten leren schrijven en vooral inspiratie opdoen uit gedichten van medestudenten.

Les twee

Helaas heb ik in verband met SLB afstudeercolleges les twee moeten missen. Desalniettemin heb ik aan een medestudent gevraagd wat er in de les werd behandeld. Het scheen over gedichten te gaan. Ik heb zelf op internet moeten zoeken hoe ik een rondeel of elf moest maken. Dit bleek totaal niet mijn ding te zijn. Ik ben iemand die graag met aparte dingen komt, maar vond dit raar genoeg niet makkelijk.

Hopelijk behandelen we dit in de volgende les ook zodat ik ook wat van anderen kan horen en hopelijk meer inspiratie krijg.

Freewriting

De allereerste les van een docente die ik nog nooit had gezien, ik was benieuwd naar de inhoud van deze training. Ik kwam wat later binnen maar voelde meteen dat het de eerste les was, iedereen zat stil en keek naar de docente.

Als eerst vroeg zij me naar mijn naam en liet ze me mijn naam en studentennummer noteren op een blaadje. Ook moest ik net als iedereen, mijn naam met grote letters schrijven op een gekleurd blaadje. Best apart voor een vierdejaars HBO student, maar gezien de opleiding toch weer wat anders.

De eerste oefening was het noteren van recent geschreven teksten. Ik dacht als eerst o.a. aan de teksten voor de pers van Curaçao die ik de maanden geleden op mijn stageplek had moeten maken. Sterker nog, elke tekst waar ik aan dacht had ik op stage gemaakt. Toen ik klaar was met dromen kwamen mijn herinneringen terug. De email die ik heb gestuurd naar de Woningbouw De Key en andere recente teksten heb ik toen opgeschreven. Uit deze teksten moest ik de belangrijkste en minst belangrijkste tekst kiezen en de zin “als ik … niet had geschreven, dan had ik (niet)…” afmaken.

De volgende oefening was freewriting. Ik wist niet wat het was maar aan de benaming verklapte het al. Het was de bedoeling aan een stuk door te schrijven. Wij kregen het onderwerp ‘melk’. Ik vond het helemaal niet moeilijk en kon doorschrijven tot we moesten stoppen.

Een aparte les, maar apart kan ook leuk zijn. Op naar les twee!

Metaforen

Metaforen. Ik weet wel wat dit is, maar heb er nog niet zo vaak mee gewerkt. Vond het ook best wel lastig om 15 andere woorden te vinden voor de woorden die we in de les gebruikt hebben. Als ik ze van anderen hoor denk ik ‘Oh ja, logisch’, maar zelf verzinnen…
Het gebruik van metaforen maakt een verhaal leuker vind ik. Je kan op deze manier een zin diepgaander maken. Ook kan je ermee overdrijven. Hier houd ik nou van. Lekker overdrijven. Het gebruiken van metaforen kan ook een grappig effect hebben. Zo kun je metaforen gebruiken die helemaal niet bij elkaar passen. Zoals in de zin hieronder.
‘Het schoffie was een gedicht aan het voordragen aan het meisje die hij leuk vond. Treurend ijsbeerde zij over het kiezelpad.’

Vijfde en laatste les

Les vijf was (helaas) mijn laatste les. Ik vond het fijn dat we verder gingen met beeldend schrijven. Ik vind het leuk om te doen en de opdrachten spraken mij aan.

Bij de eerste opdracht schreef ik in de eerste instantie over ‘beginnen in een leesboek als ik moet leren’. Dit is in mijn geval iets waar ik mij voor moet concentreren om het niet te doen. Toen ik eenmaal aan het schrijven was bleek dat het heel lastig was om mijn gedachtegang te beschrijven. Daarom heb ik er voor gekozen om opnieuw te beginnen en het dit keer over ‘file parkeren’ te hebben. Ik moet mij namelijk goed concentreren om niet lichtelijk in paniek te raken als de situatie zich voordoet dat ik moet file parkeren in een drukke straat. Omdat dit mij redelijk vaak overkomt vond ik het makkelijker om hier over te schrijven.

Bij de opdracht die daarna kwam, het beschrijven van een typisch trekje van iemand uit je omgeving, kreeg ik gelijk inspiratie. Mijn vader, die vreselijk hard niest. Onnodig hard. Aangezien ik hem dit al honderden keren heb zien en horen doen was het niet moeilijk om dit proces tot in detail te beschrijven.

Beeldend schrijven

Beeldend schrijven is lastig. Bij het schrijven over de herfst verviel ik al snel in clichés. Bladeren vallen van de bomen, het regent pijpenstelen, dat soort dingen. Het is moeilijk om binnen de korte tijd waar in zo’n tekst geschreven moet worden out of the box te denken en met andere metaforen voor de herfst te komen. Er zijn natuurlijk honderden manieren om de herfst te beschrijven.
Het schrijven van de waarschuwing die geen waarschuwing is ging me beter af. Ik schreef over het gebruik van een kaasschaaf aangezien ik die dag daar voor in een moment van onoplettendheid een stuk van mijn duim geschaafd had. Inspiratie had ik dus genoeg. Als commentaar kreeg ik dat ik iets gedetailleerder op de kaas in had mogen gaan. In plaats van ‘het bloed drupte uit mijn ontvelde vinger, zo op de kaas’ had ik bijvoorbeeld duidelijk kunnen omschrijven door het over ‘de goudgele jonge kaas’ te schrijven.

Het stukje over normen en waarden ging mij ook goed af. Ik schreef over ‘niet met enge mannen praten’. Er schoot gelijk een gebeurtenis van een tijd geleden door mijn hoofd die perfect was voor deze opdracht. Binnen een korte tijd stond het verhaaltje op papier.

Als laatst schreef ik een stukje over pompoensoep. De opdracht om het zo te beschrijven dat het water in de monden van mijn klasgenoten zou lopen vond ik wel lastig. Ik worstelde met het omschrijven van de textuur en de smaak van de soep. Thuis ben ik er nog eens goed voor gaan zitten en heb het stukje toen helemaal opnieuw geschreven.

Beeldend schrijven vind ik heel leuk om te doen. Door op de details in te gaan geef je de lezer een goed beeld van de situatie en kunnen zij zich beter in het verhaal verplaatsen.